arrow_drop_up arrow_drop_down

Werkingssfeeronderzoek

Om vast te stellen of er sprake is van verplichte aansluiting bij een bedrijfstakpensioenfonds dient u een onafhankelijk werkingssfeeronderzoek uit te laten voeren. Dit begint met het identificeren van de werkzaamheden van de onderneming. Schakel hiervoor bij voorkeur een BPF deskundige in. Die kan het onderzoek namelijk op precies dezelfde manier uitvoeren als het BPF.


Uit het werkingssfeeronderzoek volgt een van deze drie conclusies:

1. Aansluiten is niet verplicht;

2. Aansluiting is terecht;

3. Onderzoek geeft onvoldoende uitsluitsel.


De kwaliteit van werkingssfeeronderzoeken blijkt helaas vaak onvoldoende. Het aantal werkgevers dat niet bij een BPF is aangesloten maar dit wel zou moeten zijn, is opvallend. Maar liefst 15.000 ondernemingen lopen risico's met mogelijk enorme materiële gevolgen, blijkt uit onderzoek van de Autoriteit Financiële Markten.

Doel en verloop van het werkingssfeeronderzoek

Met het onderzoek wordt bepaald of de onderneming valt onder de in de BPF verplichtstelling omschreven werkingssfeer. De onderzoeker baseert zich hiervoor op diverse bronnen, zoals de website van de onderneming, de inschrijving bij het Kamer van Koophandel-register of door eigen waarneming. Het is gebruikelijk dat de specialist om functieomschrijvingen van werknemers vraagt, om een volledig beeld te krijgen van de werkzaamheden.


Vervolgens beoordeelt de BPF deskundige het overzicht van bestaande BPF'en en worden de werkzaamheden van de onderneming getoetst aan die van de verschillende verplichtstellingen. Hieruit kan blijken of de onderneming wel of niet onder de BPF verplichtstelling valt. Mocht dit niet naar voren komen, dan gaat het onderzoek verder en kan de specialist om aanvullende zaken ter ondersteuning van het onderzoek vragen.


Wanneer de onderneming onder een verplicht gesteld BPF valt, is de volgende stap vast te stellen met ingang van welke datum de verplichtstelling op de onderneming van toepassing is. In principe zal het BPF voor alle jaren waarin het de onderneming verplichte aansluiting betreft alsnog de premies in rekening brengen. De terugwerkende kracht hiervan kan oplopen tot 20 jaar. Indien kan worden geconcludeerd dat er een concreet BPF risico bestaat voor de onderneming, worden de mogelijkheden vrijstelling en beroepen op wettelijke verjaringstermijnen onder de loep genomen.

Een BPF deskundige brengt alle BPF risico's in kaart en houdt rekening met diverse scenario's

verkeerde bedrijfstakpensioenfonds

Damage control

De materiële consequenties kunnen enorm zijn voor ondernemingen die bij de verkeerde of helemaal niet is aangesloten bij een BFP. De manier waarop het fonds tegemoet wordt getreden speelt een belangrijke rol om damage control in de hand te hebben.


Zo is een BPF in het algemeen wel bereid om mee te denken over bijvoorbeeld een financieringsconstructie, een nieuwe gerechtelijke uitspraak kan voor de onderneming grote betekenis hebben of is het goed na te denken over het insolventierisico. Om de risico's goed af te dekken, is het van belang verschillende adviseurs in te schakelen. Wij helpen u daarbij: onze deskundige bijstand bestaat uit een consultant en waar nodig kan een jurist ingezet worden.

Onderzoek laten doen op uw gehele portefeuille?

Dan is de BPF Compliant Audit iets voor u!